Boekpromotie

Dorée de Kruijck  ·  8ste Conferentie Het Schoolvak Nederlands  ·  1994  ·  pagina 177 - 182

Recognized HTML document

Boekpromotie tijdens de boekenweek

Dorée de Kruijk

Vanuit een school die rijk is aan tradities op het gebied van jeugdliteratuur en boekpromotie, benader ik de twee elementen van de titel. In afwijking van mijn verhaal in Leuven doe ik dat nu echter meer in het algemeen en minder gebonden aan daadwerkelijk uitgevoerde projecten, waarvan ik hier immers geen resultaten en beelden kan tonen. (In Leuven kwam het vertonen overigens ook in het gedrang tengevolge van andere techniek, tijd, ruimte en aantal aanwezigen dan ik bij de voorbereiding verwacht had.)

1 Boekenweek

In Nederland worden twee boekenweken gevierd : in de herfst voor de jeugdliteratuur en in het voorjaar voor de volwassenenboeken. Beide weken duren 10 dagen en bevatten verschillende media-genieke evenementen zowel op lokaal als op landelijk niveau. Bekroonde boeken, signerende schrijvers, een officiële opening, dat zijn de elementen van de feestelijkheden die overal te lande worden georganiseerd.

Op de meeste scholen wordt wel aandacht besteed aan de boekenweken, voornamelijk ter ondersteuning van de boeken en schrijvers die op deze manier in het nieuws komen. Het is echter ook heel goed mogelijk om al deze aandacht voor literaire fenomenen te gebruiken als achtergrond voor eigen school- of plaatsgebonden activiteiten. De vrees dat leerlingen op deze wijze overvoerd raken blijkt ongegrond. Het tegenovergestelde is eerder het geval. Leerlingen zien eigen projecten weerspiegeld in landelijk nieuws, waardoor ze hun eigen ervaringen een grotere waarde toekennen.

Tijdens de boekenweken zijn allerlei kleine activiteiten gewoongoed geworden : fragmenten van winnende boeken of auteurs voorlezen; boeken en portretten in de mediatheek tentoonstellen; schrijvers uitnodigen in de klas of in grote groepen; het thema van de week in de literatuurlessen behandelen; een opstelwedstrijd organiseren; mogelijkheden te over om de boekenweek ook binnen de school tot zijn recht te laten komen.

Recognized HTML document

178   Dorée de Kruijk

2 Griffels en penselen

Kritische aandacht voor de manier waarop de winnende boeken worden vastgesteld, is zeker ook op zijn plaats. In 1994 heeft bijvoorbeeld een boek van Aidan: Chambers, De tolbrug, in de kinderboekenweek een zilveren griffel gewonnen. Het is inderdaad goed geschreven : het geeft antwoorden, maakt duidelijk waar om de personen doen wat ze doen, terwijl er genoeg te raden overblijft. Ook de vormgeving is opmerkelijk : het is een dagboek dat door twee personen is bijgehouden en aangevuld.

Het gaat over drie zeventienjarigen, die op zoek zijn naar hun (verloren) identiteit. Voor 13-, 14- en 15-jarigen, die zichzelf beschouwen als de oudsten van de kinderboeken/jeugdboeken-lezers, een thema dat de meesten boven de pet gaat. En jeugdlezers die wel toe zijn aan dit soort existentiële thema's, grasduinen liever, ook omdat ze zich dan meer serieus genomen voelen, in de volwassenenboeken.

Dat dit boek de winnaar is geworden in de categorie twaalf-jaar-en-ouder, is ty perend voor de manier waarop de prijzen worden toegekend. Blijkbaar wil de jury dat de jeugdliteratuur ook voor oudere jeugd acceptabel wordt. Waarschijnlijk streeft de jury ernaar dat er een overlap ontstaat tussen volwas senenboeken (zoals Oberski's Kinderjaren) die geschikt zijn voor oudere jeugd, en jeugdliteratuur (bijvoorbeeld Chambers' De tolbrug) die ook door volwassenen gelezen kan worden.

De organisatoren van de kinderboekenweek hinken dus op twee gedachten : het grote publiek en de kwaliteit, of boekpromotie en kwaliteitsbevordering. Ze willen veel aandacht van het grote publiek voor kinderboeken. Die aandacht vragen ze onder andere door prijzen uit te loven. De boeken die in de prijzen vallen zijn echter slechts voor een select publiek toegankelijk. Voor dat selecte publiek zijn kinderboeken (jeugdboeken) echter niet meer interessant, tenzij het klassiekers betreft. De oudere jeugd reikt naar volwassenheid en 'betere' lezers zoeken hun boeken daarom liever in de afdeling Volwassenen.

Met dit gehink oogsten de organisatoren dus slechts gemiste kansen : geen herkenbare boeken voor het grote publiek en geen acceptabele boeken voor het selecte publiek.

In het voortgezet onderwijs zal een boek als De tolbrug vooral een rol kunnen spelen als leerstof : aangeboden door een docent, behandeld in de klas of besproken in een recensiebundel. In de vrije-keuzelijstjes zal De tolbrug nauwelijks voorkomen. Het winnende boek De eikelvreters van Els Pelgrom onderging een paar jaar geleden hetzelfde lot : het werd door volwassenen veelvuldig aangeprezen, maar door scholieren slechts zelden gelezen.

Overigens is de winnaar van de gouden griffel 1994 Toon Tellegen een uitstekend voorbeeld van een schrijver voor alle leeftijden. Wie de tijd neemt om zijn heel korte verhaaltjes tot zich te laten doordringen, zal balancerend tussen herkenning en nieuw inzicht waardering voelen voor het verhaaltje, het taalgebruik, de situatie, de manier van denken.

Recognized HTML document

Boekpromotie tijdens de boekenweek   179

Voor pubers is ook dit boek echter niet aantrekkelijk, omdat het over dieren gaat, wat door hen die zo graag volwassen willen zijn, nauwelijks serieus genomen wordt. Ook hier dus weer een boek dat lesstof kan leveren, maar dat niet gemakkelijk vrijwillig gekozen zal worden.

De diepe kloof tussen organisatoren en doelgroep werd in 1994 nog eens te meer verduidelijkt tijdens de opening van de kinderboekenweek. Het was de bedoeling dat een groep kinderen zich, gekleed in pyjama, op een reusachtig luchtkussen te slapen zou leggen. Roept u nu echter even uw jonge jaren in uw herinnering op. Wat doet een kind op een grote matras ? Juist. Het gaat erop springen. Van het voorbereide verhaaltje-vertellen kwam dus niets terecht en de kinderen vermaakten zich kostelijk op de bovenmaatse matras. En hiermee werd geheel onverwacht op jeugdige wijze de kinderboekenweek 1994 geopend.

3 Hulpmiddelen voor boekenweek-projecten

Hoe boeken en schrijvers gedurende de boekenweek ook in het nieuws komen, de aandacht van de media kunt u uitstekend gebruiken om in school steeds meer aandacht te vestigen op het lezen en het schrijven. Binnen de school kunt u daarbij gebruik maken van het volgende materiaal.

Voor de keuze van een uit te nodigen schrijver bekijkt men de auteurslijst van de Stichting School Schrijvers Samenleving (SSS), Huddestraat 7 te Amsterdam (tel. 020-6234923). Van elke schrijver staan wat biografische en bibliografische gegevens vermeld en de medewerkers van de Stichting staan u geduldig te woord en geven deskundig advies.

Voor de aankleding van verschillende ruimtes bieden de uitgeverijen Lemniscaat, Querido en Kluitman een schat aan (reclame)materiaal in de vorm van posters en ballonnen.

In de klas kunt u aandacht besteden aan de kinderboekenweek door in april of mei een boekenweekpakket te bestellen bij uw boekhandelaar. U vindt daarin de boekenmolen, affiches en lessuggesties en in een duurder pakket ook het boekenweekgeschenk.

Bij een bevriende boekhandelaar kunt u ook een stapel boekenmolens vragen, waarmee u verschillende lessen kunt geven. Op de eerste bladzijde staat een prijsvraag en u kunt allerlei zoekopdrachten voor titels en schrijvers maken.

Daarnaast kunnen de gebruikelijke materialen voor boekpromotie worden ingezet : de videobanden Geef Mij Maar Een Boek (verfilmde verhalen van bekende schrijvers, afgewisseld met stukjes interview), De vertellende docent, De aanprijzende leerling, De geduldige bibliothecaris, De Bumper, De Tikker, De vijf eerste alinea's voorgelezen, waarna de klas de alinea's bij de juiste vijf tentoongestelde boeken moet voegen (per persoon of per groepje, in een wedstrijdvorm of als schoolwerk).

Recognized HTML document

180   Dorée de Kruik

4 Contacten voor een groter project

Bij een groter project is het van belang te onderzoeken in hoeverre u nog intensiever kunt samenwerken met de plaatselijke boekhandel. Deze stelt in Lelystad bijvoorbeeld prijzen ter beschikking voor een opstelwedstrijd, waarna er een stukje in de plaatselijke krant verschijnt met vermelding van de prijswinnaars en deze boekhandel. De verhalenbundel, die wordt samengesteld uit de winnende opstellen, wordt ook te koop aangeboden in de boekhandel.

Ook de bibliotheek wil in de meeste plaatsen graag samenwerken op het gebied van boekpromotie. Een (kinder)boekenweek kan een concrete start van de samenwerking vormen.

De regionale radio kan in veel gevallen subsidie krijgen voor een samenwerkingsproject met het onderwijs tijdens de (kinder)boekenweek. Het is dus niet alleen in het belang van de school, maar ook van de radio om een vorm te vinden waarin samengewerkt kan worden..

Bij de lokale Centra voor Kunstzinnige Vorming (of hoe dat in uw plaats ook wordt genoemd) werken consulenten voor het onderwijs die veel kennis en ervaring hebben opgedaan met Nederlandse muziek- en toneelgroepen die ter gelegenheid van de kinderboekenweek een optreden kunnen verzorgen. Soms kan zo'n consulent ook een gesubsidieerd laag tarief bedingen (of regelen). Het is altijd de moeite waard om contact op te nemen en te vragen naar de mogelijkheden.

Goede contacten met de plaatselijke pers zijn onmisbaar. Enerzijds worden instellingen waarmee u dit jaar nog niet samenwerkt, via de pers geïnformeerd over uw activiteiten, zodat ze het volgend jaar uw initiatief niet beschouwen als een eendagsvliegje. Anderzijds waarderen instellingen het zeer als u een artikeltje in de krant weet te krijgen, zodat hun activiteiten en hulp eens door een ander in de publiciteit worden gebracht.

Als de kosten door de groots opgezette plannen te hoog dreigen op te lopen, kunt u op verschillende adressen pogingen ondernemen de financiën door subsidie acceptabel voor uw school te houden. De Stichting Lezen subsidieert alleen landelijke projecten, of projecten met een landelijke uitstraling. Uw provincie subsidieert alleen projecten met een provinciaal bereik. En de gemeente zal het stedelijk belang als criterium stellen om subsidiëring in aanmerking te nemen. Vandaar dat het van groot belang is de organisatie in overleg of in samenwerking met de bovengenoemde instellingen op te zetten. Gedeelde kosten zijn niet altijd halve kosten, maar minder hoog worden ze in ieder geval wel van het samen delen.

Recognized HTML document

Boekpromotie tijdens de boekenweek   181

5 Draagvlak in school

Het is een bekend probleem dat de organisatie van (ook hooggewaardeerde) projecten vaak afhankelijk is van één of twee personen. Als zo'n persoon vertrekt, levert het grote problemen op om de organisatie opnieuw op te starten. En als het project steeds groter wordt, is het risico groot dat het de draagkracht van een enkeling te boven gaat. Om dit risico te vermijden is het van belang al in een vroeg stadium de verantwoordelijkheden te verdelen onder enkele vakgroepgenoten of anderszins betrokkenen.

In de organisatie zijn altijd verschillende gebieden te onderscheiden die naast elkaar kunnen worden ontwikkeld. Bij een groots opgezette prijsuitreiking, waarvoor ook deelnemers van andere scholen worden uitgenodigd, zijn dat bijvoorbeeld : de aankleding van het gebouw, de ontvangst van de 'anderen', het uitreiken en bekendmaken van de prijzen, het 'entertainment' rondom de prijsuitreiking, het klaarzetten van de zaal, het maken en verspreiden van affiches voorafgaand aan de wedstrijd, enz.

Het is niet alleen van belang voor de organiserenden dat hun werkzaamheden ook door anderen worden ondersteund, of zelfs gedragen. Zo worden in Lelystad de opstellen die van buiten de school worden ingestuurd, beoordeeld door leerlingen van de bovenbouw in de lessen Nederlands, waarbij beoordelingscriteria eerst theoretisch aan de orde zijn geweest.

Als ook andere vakgroepen bij de voorbereidingen worden betrokken, bijvoorbeeld tekenen bij de aankleding, drama bij de ontvangst, enz., worden de leerlingen ook van andere kanten benaderd of zelfs tot medewerking aangezet. Dat betekent dat het project voor de hele school gaat leven, ook al is het uiteindelijk alleen voor de onderbouw bedoeld. Zo kan een dergelijk project tot een wezenlijk onderdeel van het jaarprogramma uitgroeien, waardoor het risico van verdwijnen bij het vertrek van één van de organisatoren tot een minimum kan worden beperkt. Zo kan het zelfs gebeuren dat leerlingen na de onderbouw met een jaarlijks terugkerend boekenweekproject in de bovenbouw verontwaardigd hun eigen (volwassenen-) boekenweek gaan organiseren. Een mooiere pluim op de hoed van de organisatoren lijkt me niet denkbaar.

6 Mislukkingen

Subsidie aanvragen zonder effect: een kwestie van doorzetten, contacten leggen, ervaringen uitwisselen en opnieuw proberen.

Video-opnames tijdens pauzes laten zien : weinig bereik, doordat de leerlingen het met hun eigen beslommeringen al druk genoeg hebben.

Kleinschalige prijsuitreikingen met een soort 'standwerker' organiseren: het risico is heel groot dat de winnaars niet aanwezig zijn als ze niet uitdrukkelijk zijn uit-

Recognized HTML document

182   Dorée de Kruijk

genodigd, zodat er geen sprake kan zijn van een verrassingseffect.

Schrijvers op school in de klassen uitnodigen en niet alle docenten van de betrok ken klassen goed inpraten en voorbereiden. Zowel voor de schrijvers als voor de klassen is het bezoek zonder voorbereiding van geringe waarde, verschraald, tot één van de vele opeenvolgende gebeurtenissen, soms zelfs met tegenzin meegemaakt.

Een groep laten optreden voor een groter publiek dan verwacht: de meeste groe pen kunnen zelf heel goed aangeven hoeveel toeschouwers ze overtuigend kun- nen bereiken. Zowel voor de groep als voor het publiek is het risico van misluk king te groot bij een onverwacht groot publiek.

Hoe meer je organiseert, hoe meer er mis kan gaan. Die niet waagt, die niet wint. Gebruik maken van de ervaring van andere instellingen, de medewerking vragen van deskundigen op hun terrein, de verantwoordelijkheid delen; onder deze voorwaarden wordt het risico van mislukking tot een aanvaardbaar niveau teruggebracht. En dan gaan de dingen tellen die het de moeite waard maken de inspanningen op te brengen die een dergelijke organisatie nu eenmaal met zich meebrengt : de aandachtig geconcentreerde gezichten van de luisterende kinderen, de trotse gezichten van de winnaars, het ongeduld waarmee ze vragen wanneer let boekje' (met de beste verhalen) uitkomt. En in de loop van het jaar de verhalen van oud-leerlingen... en de bovenbouwleerlingen, die nu hun eigen boe- kenweek gaan vieren : de moeite waard.

Labels

doelgroep
NT1-leerlingen
domein
leesonderwijs
leesbevordering
literatuuronderwijs
land
Nederland
onderwijstype
basisonderwijs
voortgezet/secundair onderwijs
thema
onderwijsleeractiviteiten

Dit artikel is onderdeel van

Onderdeel van

8ste Conferentie Het Schoolvak Nederlands · 1994